Achter de spiegel – Proloog
Niets is mooier dan genieten van de eerste kop koffie op een zondagse warme zomerdag, op het balkon; de rust van de vroege ochtend die je omringt in het anders zo drukke Amsterdam.
Dat deed Nick graag als hij vrij was, en dat was hij niet zoveel. Maar goed dat was zijn eigen keuze.
Hij was om zes uur wakker geworden, draaide zich nog even om maar kon de slaap niet meer vatten.
Dus was hij zijn bed uit gegaan, zette de senseo aan en onder het sputterende geluid deed hij de balkondeuren open.
De zomerse warmte van de zon deed hem genietend glimlachen.
Terwijl hij daar op zijn balkon zat keek hij even naar boven, naar het huis van zijn buurvrouw Sharon, met wie hij mooie en extreem romantische momenten had beleefd.
Het appartement was leeg, sinds dat ene moment dat hem ook niet meer los liet. Dat moment van de spiegel.
Hij schudde de gedachte van zich af, nipte aan zijn beker koffie en proefde de bittere smaak van de koffie vermengd met het zachte van de melk en het zoete van de suiker.
Hij sloot zijn ogen en liet de zonnestralen spelen op zijn gezicht.
Eindelijk kon hij de gedachte aan de spiegel met rust te gemoed treden.
Hij had geluk gehad.
Anderen vochten op dat zelfde moment dat Nick op zijn balkon zat tegen het onwaarschijnlijke diepe raadsel wat hen omringde en doordrong van het feit dat wat de ziel is, vaak nog erger is dan de harde werkelijkheid van het dagelijkse leven
Een schaduw verkoelde zijn gezicht. Hij deed verschrikt zijn ogen open, maar zag niets.
Even verkilde het bloed in zijn aderen.
Hij schreeuwde zonder geluid.
Op dat zelfde moment herstelde hij zich met de gedachte dat er niets was.
Er kon niets zijn, het was klaar….
Nick stond op liep door het huis als een ware Sherlock Holmes, maar vond niets wat hem zo had verontrust.
Hij liep de badkamer in,. Het was tijd voor een douche. Hij liep langs de spiegel, keek erin en zag niets dan zichzelf. Hij glimlachte. Terwijl hij zich omdraaide zag hij ineens wel iets. Hij draaide vlug terug naar de spiegel en zag iets waar hij naar had verlangd en tegelijker tijd vreesde.
Nick deed met moeite zijn ogen open, keek om zich heen.
Hij lag op de badkamer vloer.
Hij sprong op. Hij was volledig het besef van tijd en ruimte kwijt.
Hij tolde op zijn benen.
Dit kan niet, schreeuwde zijn gedachte. Ze is niet hier!
De pijnlijke plekken aan de randen van zijn ziel deden hem het ergste vermoeden.
Ze was wel degelijk in hem geweest……………
Nick is 45, niet groot, 1.65 meter had hij een paar jaar geleden gemeten, dus dat kwam redelijk in de buurt.
Hij was kaal. Nick heeft nooit een grote haardos gehad dus was het een makkelijke stap om geheel kaal te gaan. Hij was breed, slank maar niet mager. Er kwam iets van een buikje door het toch regelmatig bier nuttigen met zijn maten. Zijn ogen waren zeeblauw en keken vrolijk de wereld rond, terwijl veel mensen altijd dachten dat Nick boos was maar dat was, zoals Nick altijd zegt zijn dagelijkse gezicht.
Sinds een jaar of vier woonde Nick aan de Brouwersgracht in de Jordaan .
Door een meevaller in de staatsloterij had hij het appartement op 2 hoog, in een voormalig pakhuis kunnen kopen.
Aan de voorkant keek hij op de gracht met zijn mengelmoes aan woonboten. aan de achterkant keek hij op de binnentuinen richting de Driehoekstraat.
Nick heeft al sinds zijn jeugd iets speciaals met de Jordaan. Zijn grootmoeder was er geboren, dus zijn roots lagen in deze mooie volksbuurt met de straten en grachten die bloemen namen hadden. Hij wandelde graag door de buurt s ‘morgens vroeg op zondag. Dan was alles stil alsof de tijd heeft stil gestaan.
Bij elk plekje waar hij herinneringen had stond hij altijd even mijmerend stil.
Nick hechtte heel veel waarde aan deze plekjes.
De Palmgracht waar in september altijd de kermis was. Nog steeds is. Hij stond altijd verwondert bij alle attracties die snel bewogen, hoog gingen….hoe hij uit de kwartjes pot van zijn oma kwartjes had gepikt om in de attracties te gaan….wat uiteraard uit kwam..en hem een flinke uitbrander kostte… Nick glimlachte bij deze gedachte. Hij heeft daarna ook nooit meer iets gestolen.
De Lindengracht met zijn zaterdagmarkt…schreeuwende zingende marktkooplui met groeten en fruit, de haringman, de kaasboer….de geuren….mmmm dacht Nick ……haring
De Willemstraat met zijn hofjes. Als je in zo een hofje stond hoorde je alleen de vogeltjes kwetteren en de bomen ruisen. Daar vond je een innerlijke rust.
Nick was best een emotionele man. Zijn soms harde gezicht deed anders vermoeden maar diegene die Nick echt kende wisten wel beter .
Tante Na , zijn vroegere buurvrouw, een grote grof gebouwde vrouw, een typische Jordanese met zwart geverfd haar
Tante Na was zijn gesel.
Als hij weer eens kattenkwaad uithaalde en ze zag het dan schreeuwde ze met haar harde Jordanese accent: ‘Nikkieeeeee Stop daar onmiddellijk mee duivels rot jong ik stop je in mijn nachtkassie en je komt er niet meer uit. Nick was bang voor haar, hij zag het helemaal voor zich hoe hij in haar nachtkastje moest zitten…brrrr glimlachte Nick in zich zelf.
veel later kwam hij er achter dat tante Na een ontzettende schat was en zangeres.
Nick zong het liedje luid…: ‘Ome Sjaak, Ome Sjaak, je mag me poessie zien voor een knaak.’
Langslopende mensen schudde lachend hun hoofd. Nick liep rood aan.
Met versnelde pas liep hij door.
Hij kwam weer op de brouwersgracht uit, liep naar de voordeur, dat vroeger twee grote houten zware deuren waren, ze zaten er nog alleen stonden ze permanent open.
Hij liep de trap op…op de eerste verdieping kwam hij sharon tegen, ‘Heeee Nickie, good morning, heb je zin in koffie? ‘ja lekker’, zei Nick Hij stapte bij haar naar binnen.
Sharon had een gezellig warm huis, vond Nick. de muren en het plafond waren wit, de meubels waren licht eiken, overal stonden groene planten. aan elke muur hingen zwart/wit fotos.
de houtenvloeren deden het geheel warm aan.
‘Ik kom zo hoor, even opknappen’, riep ze vanuit badkamer.
Nick nestelde zich in haar lounge bank.
Sharon kwam de badkamer uit…’zo raar’, riep ze. ‘Elke keer als ik lang in de spiegel kijk voel ik me duizelig worden…zowieso heb ik het idee dat het hier spookt. het lijkt alsof ik soms bekeken word..de lichten gaan soms knipperen, brrrrr’
Nick glimlachte, ‘en heb je dat vaak, dat gevoel bedoel ik’.
‘Nee zei sharon, niet vaak maar als het gebeurt , dan meerdere keren achter elkaar’
Nick vertelde haar dat het misschien handig was om het te negeren.
Nick dacht aan zijn eigen situatie…dat van die spiegel herkende hij maar hij durfde niet toe te geven dat het bij hem ook gebeurde.
Sharon schonk koffie in en samen zaten ze gezellig. De koffie ging over in een borrel….
De zonsondergang gaf een heel mooi en warm licht in de gezellige woonkamer.
Ongemerkt waren Sharon en Nick naar elkaar toegekomen.
De Friese klok in haar kamer sloeg 6 uur.
‘Zullen we samen eten, of heb je nog wat te doen’, vroeg Sharon
‘Goed idee, ik heb niet zoveel zin om alleen te zitten, ik vind het gezellig’, zei Nick ietwat aangeschoten.
Ze besloten Chinees te bestellen.
De deur bel ging een half uur later en Sharon deed open.
‘Dinner’, riep ze terwijl ze met de witte zakken met chinees kwam aan waggelen.
Oeps, ik heb iets te veel gedronken, geloof ik’, lalde ze.
Nick keek naar haar.
Sharon was iets groter dan hij. 1.70 meter schatte hij.
haar rode haar hing langs hoofd. Ze had mooi lang haar. naturel rood.
haar besproet gezicht stond altijd vriendelijk en haar grote bruine ogen keken uitdagend de wereld in.
Real Scottish zei ze altijd.
Dat zie je tegenwoordig niet veel meer, bedacht Nick zich. Ze had een strak shirt aan met heel veel kleur. Haar borsten kwamen er mooi in uit, vond Nick.
Een strakke skinny jeans accentueerde haar stevige mooie benen.
Zwarte pums completeerde haar outfit.
Ze barstte beide in lachen uit.
‘Moet kunnen, gezellig toch’, lalde Nick terug.
Sharon zette alles op de salontafel
nick at Babi pangang en Sharon hete vis.
Poehhhh lachte ze die is heet, het zweet breekt me uit.
Nick moest lachen om haar rode gezicht.
maar, heb jij dat niet dan van die rare dingen. Vroeg ze
nick zweeg even, dacht even na en zei toen ja eigenlijk wel. Ik heb niet het gevoel dat er iemand is die mij begluurt maar ik krijg soms rare teksten op mijn laptop en….Nick zweeg….verder eigenlijk niet.
Nick wilde niet zeggen dat ook hij duizelig werd als hij lang in de spiegel keek.
Wat was hier aan de hand…..hij schudde de gedachte van zich af en genoot verder van het eten en het gezelschap.
na het eten waste ze samen af. De rode avondzon scheen in de keuken. Onder het afwassen raakte zijn hand de hare. Nick ervaarde een spanning die hij een lange tijd niet had gevoeld.
Hij wilde haar kussen, maar bedacht zich dat het niet slim zou zijn….Ik verlang naar haar bedacht hij zich. hij probeerde de gedachte van zich af te schudden. nick kreeg een onzeker gevoel…stel nou….
voor hij het door had pakte Sharon zijn hooft en kuste hem. haar lippen voelde warm en vochtig aan..zo snel als haar lippen op de zijne waren zo snel waren ze weer weg. ‘Sorry’, riep ze.
Nick pakte haar stevig beet en kuste haar opnieuw.
Langzaam duwde hij zijn tong tussen haar lippen. haar mond opende zich iets en zijn tong gleed haar mond in. haar tong beantwoorde de zijne, eerst rustig daarna steeds heftiger. hun tongen danste met elkaar, duwde elkaar weg om weer intens in elkaar over te gaan.
Sharon duwde Nick weg. Hijgend lachte ze, ‘Niet in de keuken. Sharon pakte zijn hand en trok hem mee.
hij keek naar haar ronde billen.
Het zou toch niet waar zijn dacht hij.
Ze trok hem mee naar de slaapkamer en begon hem opnieuw te zoenen.
Ze duwde hem op het bed.
Nick plofte op het waterbed en bleef na schudden alsof hij op een schip in de ruwe zee voer.
Sharon dook op hem en wederom werd de zee wild. De golven met hun koppen van schuim rolde over hen heen toen Sharon hem weer intens kuste.
Ze spreidde zijn armen en hield zijn polsen stevig vast.
Nick merkte dat Sharon sterk was.
hij voelde een vreemde mix van angst en geilheid .
‘Nick, je trilt helemaal’, lachte Sharon mysterieus.
Ze bracht haar mond naar zijn oor, likte de rand van zijn oor en fluisterde: ‘wat vind je lekker schatje? Het wind je op dat ik je dat ik je in mijn macht heb’, het was geen vraag maar meer een bevestiging.
Nick knikte.
‘Ik voel het’, fluisterde Sharon terwijl ze haar hand naar zijn kruis bracht.
Ze liet hem los ging op hem zitten en deed haar shirt uit. Oh Nickie ik voel hem. Ze kirde.
Ze ging op hem liggen draaide hem om en bond hem vast met de riem van haar badjas die aan de rand van haar bed hing.
Sharon stond op en liep vals lachend de slaapkamer uit.
Daar lag hij dan. Nick begon zich lullig en klein te voelen.
Hij voelde een koude rilling over zijn lijf rollen.
Dit had ik beter niet kunnen doen, dacht Nick . ‘Ik vind dit niet leuk’, riep hij harder dan hij bedoeld had.
Hij probeerde zich om te draaien, wat maar gedeeltelijk lukte.
Hij Zag haar staan. Helemaal naakt, met alleen hoge laklaarzen aan en een ruiter zweepje in haar hand.
‘Stoute jongen’, riep Sharon.
Langzaam streelde de binnenkant van zijn been richting zijn kruis, tergerend langzaam.
Nick voelde een sensatie die hij nog nooit had gevoeld, alsof er iets in zijn lichaam explodeerde.
Sharon sloeg hem hard op zijn billen. Hij voelde de striemde pijn van het leren lipje aan het uiteinde van het zweepje.
Hij voelde een striemende pijn die overging in een hele warme sexy sensatie. Klets ging het weer.
Nick schreeuwde, kreunde……..’ga door’, fluisterde hij.
Ze streelde met de zweep over zijn rug.
plotseling stopte ze, maakte hem los… ging op hem zitten en liet zijn pik ik haar glijden.
Sharon bewoog langzaam …met draaiende knijpende bewegingen. Ze versnelde…vertraagde weer…
Nick was nog nooit zo opgewonden geweest….ze vreeën, likte en neukte elkaar tot ze beide uitgeput naast elkaar op bed vielen terwijl het waterbed hen deed deinen als een kolkende heftige zee.
Ze zat in de kleine woonkamer, dicht bij de grijze gaskachel die volop brandde.
Er brandden een paar schemerlampjes die het vertrek schamel verlichtte.
Ze kon haar ogen bijna niet open houden.
Sinds de geboorte van haar zoon zat ze in een rolstoel.
Ze had spier dystrofie was haar al vroeg door de doktoren verteld.
Al sinds haar twaalfde werd het lopen steeds moeilijker.
Haar voeten misvormde naarmate ze ouder werd, en uiteindelijk werden het klompvoeten.
Haar tenen waren gekromd.
Gaande weg was het lopen steeds moeilijker geworden. Uiteindelijk was ze in de rolstoel beland.
Ze was getrouwd en had op haar 23e jaar een zoon gekregen, die inmiddels zeven jaar was geworden.
Ze viel in slaap.
Langzaam zakte ze in haar slaap naar een kant terwijl haar ontblote bovenarm gevaarlijk dicht bij de hete gaskachel kwam.
Ze werd niet wakker van de warmte.
Haar arm raakte de hete kachel en ze werd met een schok wakker.
Snel ging ze rechtop zitten maar het was al te laat. Haar arm vertoonde een rode pijnlijke plek.
‘Auw’ riep ze uit en begon te huilen.
Een klein jochie kwam uit de achterkamer gerend en vroeg wat er was gebeurt.
‘Niets jongen, ga maar weer lekker spelen’, zei ze.
de jongen keek haar met trouwe ogen aan en zei,’ja mama’
De jongen liep weer naar de achterkamer, maar keek toch nog even om.
Hij zag de betraande ogen van zijn moeder.
Hij ging in de achterkamer, die als slaapkamer diende, zitten en begon weer te spelen met zijn autootjes.
Hij had honger maar hij durfde zijn moeder niet om eten te vragen. Ze had verdriet zo redeneerde hij.
Z e keek op de klok.
Het was 8 uur in de avond.
De regen sloeg tegen de ramen aan. Het was een koude oktober avond.
Hij was nog niet thuis, terwijl hij allang thuis had moeten zijn.
Sinds een paar maanden gebeurde het wel vaker dat hij laat thuis kwam.
Maar zo laat was hij nog nooit thuis gekomen.
Ze maakte zich zorgen.
Ze kon geen eten maken voor zichzelf en haar kind. Ze kon gewoonweg niet bij het aanrecht.
Ze begon weer te huilen. Dit keer niet van pijn maar van onmacht.
Ze draaide haar rolstoel om en probeerde naar buiten te kijken.
Misschien kon ze hem aan zien komen maar het licht in de woonmaker ontnam haar het zicht naar buiten.
‘Doe er nog maar een’, riep hij tegen de barman.
De barman vroeg of hij het zeker wist.
Hij knikte.
Hij keek op de klok die aan de zijkant van het bruine café hing.
Het was half acht.
Hij wilde nog niet naar huis.
Sinds zij in zijn leven was gekomen, had hij steeds meer moeite om naar huis te gaan.
Hij had haar ontmoet in het buurthuis waar hij op zondagmiddag een soort suppoost was
bij de film middagen voor de jeugd.
Ze kon heel goed luisteren, vond hij.
Ze werden vrienden.
Ze luisterde naar zijn leed.
Hoe moeilijk hij het vond dat zijn vrouw niets meer kon.
En in bed was het helemaal een drama had hij verteld.
Haar man was overleden.
En zelf moest ze voor haar drie kinderen zorgen.
Ze vond hem aardig, begrip vol.
Langzamerhand was hun vriendschap gegroeid.
Uiteindelijk werd hun vriendschap intiemer.
Hij vroeg om nog een biertje.
de klok wees 8 uur aan.
Hij bedacht zich dat hij eigenlijk naar huis moest maar het vele bier had zijn verstand vertroebeld
Uiteindelijk liep hij om half negen de kroeg uit.
Hij pakte zijn portemonnee en keer erin.
Vijf gulden zaten erin.
Meer had hij niet.
Hij sloeg de kraag van zijn jas op.
de regen striemde in zijn gezicht maar hij voelde het niet.
Hij stond voor de deur.
Hij keek door het raam en zag zijn vrouw bij de kachel zitten.
hij probeerde de sleutel in het sleutelgat te krijgen maar zijn zicht was vertroebeld.
Na vijf minuten proberen lukte het hem de deur open te krijgen.
Hij liep naar binnen.
De warmte sloeg hem te gemoed, wat hem slappere benen gaf.
Hij plofte in zijn stoel neer.
half verdoofd zei hij tegen zijn vrouw, ´We moeten even praten´
Zijn vrouw vroeg waar hij zo laat vandaan kwam.
die jongen had nog geen eten gehad.
Hij vertelde dat hij met een paar maten in de kroeg had gezeten en dat hij de tijd was vergeten.
Hij verontschulde zich en begon te vertellen.
´Lieverd, ik kan dit niet meer. Jij in je rolstoel en de zorg van die jongen. Ik wil scheiden´
De angst sloeg haar om het hart. Ze begon hart verscheurend te huilen.
´Waarom dan´, vroeg ze vertwijfeld´
´Ik hou toch van je´
´Ik kan het niet meer, sorry´
Hij stond op, liep naar de gang…. bleef even twijfelend voor de deur staan…deed de deur uiteindelijk toch open en liep naar buiten.
Het verdriet van zijn vrouw had hem geraakt.
Maar toch…..het moest.
De deur knalde door de harde wind dicht.
Even keek hij naar binnen….schudde zijn hoofd.
Hij haatte zich zelf, bedacht hij.
Met snelle pas liep hij de straat uit.
De betraande ogen van zijn vrouw waren op zijn netvlies gebrand maar hij vond dat hij niet anders kon.
Hij liep de kade op over de brug en uiteindelijk stond hij bij haar voor de deur.
Ze deed de deur open. hij viel haar in de armen.
´Het is zover, ik heb het haar verteld´, fluisterde hij.
Ze pakte hem stevig beet.
kom maar gauw naar binnen. We zijn net begonnen met eten.
´Lieverd, kom eens bij mama´.
De jongen liep naar zijn moeder.
Hij moest bij zijn opa en oma aanbellen en zeggen dat papa weg was.
´trek wel een jas aan want het is koud´, had zijn moeder gezegd.
Hij deed wat zijn moeder zei en liep de straat op.
Zijn opa en oma woonde schuin aan de overkant op drie hoog.
Brrrr, het was erg koud vond hij.
Hij belde aan.
Hij hoorde het slot klikken, maar de deur klemde.
Hij duwde tegen de deur en met gekraak ging de deur open
´Wie is daar´, werd er vanuit het donker geroepen.
´Papa is weg opa, dat moest ik van mama zeggen´.
Hij werd naar boven geroepen.
hij liep de trap op.
Hij was bang. Het licht ging niet aan en hij was bang in het donker.
Na een angstige rit de trap op naar de derde etage kwam hij bij zijn opa en oma binnen.
Hij herhaalde wat hij had gezegd.
Zijn opa en oma begrepen er niets van.
Resoluut deden ze beide hun jas aan en liepen met de jongen mee.
Ze kwamen binnen in het kleine huisje.
ze zagen hun dochter als een brokje wanhoop zitten.
het brak hun hart.
Zijn oma barstte in snikken uit en nam haar dochter in haar armen.
´Rustig maar lieve schat. het komt allemaal goed´, riep ze terwijl ze met vragende ogen naar haar man keek.
Ze luisterde met verbijstering naar het verhaal van haar dochter.
´De hufter´, riep ze kwaad.
´Meis, het komt allemaal goed. Papa en mama zijn er voor je. We gaan niet weg´.
´Wat moet ik nou´, huilde hun dochter vertwijfeld.
´laat dat maar aan papa en mama over, schat´
´Hebben jullie al gegeten´, vroeg haar moeder.
Ze schudde met haar hoofd.
´Loop jij eens naar de overkant. Haal jij die pan met hutspot. Er is nog genoeg voor twee.
Wij zullen dit varkentje eens even wassen´, zei ze tegen haar man, die letterlijk met zijn handen in het haar stond.
Terwijl hij de deur uitliep riep hij in zich zelf, ´hioe is dit in godsnaam allemaal mogelijk. waar moet dit heen´.
Hij liep terug naar hun huis. pakte de pan zoals zijn vrouw had gevraagd en liep weer terug.
Het eten werd gewarmd.
maar ze had geen trek.
Ze kreeg het niet door haar keel.
´Kom, lieverd eten. Daar knap je van op´
Ze at en voor het eerst kwam er weer wat rust in haar lijf.
´Wij zullen voor jou en die jongen zorgen, schat. Die hufter komt er niet meer in´.
Haar woorden waren vol haat en verdriet.
